Rijnlandgeschiedenis.nl gebruikt cookies om bezoek te meten en om het voor bezoekers mogelijk te maken informatie op deze website te delen via social media. Door verder gebruik te maken van deze website ga je hiermee akkoord.

Accepteer cookies
 

Waar stond de kerk van Esselijkerwoude?

In 1113 geeft aartsbisschop van Utrecht, Frederik I van Bremen, toestemming aan een groepje Hollanders, waaronder een priester Hendrik, om een gebied ten noorden van de Rijn te ontginnen. Ze zijn waarschijnlijk afkomstig uit de ambachten Esselijkerwoude, Rijnsaterwoude en Leimuiden. De gelijknamige dorpen en hun kerkjes liggen, van zuid naar noord, aan de heerweg van Alphen aan den Rijn naar Amsterdam. De kerk van Esselijkerwoude is echter in 1586 met de grond gelijk gemaakt. De bewoners waren al weggetrokken wegens de vervening van de grond. In Woubrugge kwam een vervangende kerk te staan. Naar deze kerk werd dan ook een middeleeuws sarcofaagdeksel overgebracht dat men in 1739 tijdens het droogmalen van de verveende gebieden rondom vond tussen de resten van het oude kerkgebouw van Esselijkerwoude. Er zijn twee wapenschilden en een randschrift in 16de-eeuwse stijl op te zien. Het randschrift vertelt dat er ‘heren en vrouwen van Woude’ begraven liggen en op het rechterwapenschild is het familiewapen van hun latere opvolger, ambachtsheer Johan van Duvenvoirde van Woude (1547-1610) aangebracht. Deze kleine geschiedenis is maar één van de vele argumenten voor het lokaliseren van de elfde-eeuwse kerk in Esselijkerwoude, ook wel Jacobswoude genaamd, zoals op een kaart uit 1575 van Bilhamer is aangegeven. 

Link naar het artikel

De kaaszuiveringsfabriek van Bernard Maurits Domsdorf te Nieuwkoop

Het scheikundig geschoolde hoofd van de R.K. jongensschool in Nieuwkoop, Bernard Maurits Domsdorf, ontdekte een procedé om een veelvoorkomend bacterieel bederf van kaas, heft, door ontgassing te zuiveren en weer voor consumptie geschikt te maken. Hij richt in 1926 een fabriek op om de werkgelegenheid in Nieuwkoop te vergroten. Mislukte concurrentie enerzijds, maar vooral wantrouwen in de zuivelwereld zorgen ervoor dat hij na vijf jaar zijn fabriek moet sluiten. De achtergrond van dit wantrouwen is enerzijds de fraude met boter en kaas in de jaren ’80 van de negentiende eeuw waarmee Nederland haar goede naam als zuivelproducent verloor in de wereld en anderzijds de initiatieven voor het produceren van kunstmelk, kunstboter en kunstkaas in dezelfde jaren ’20. Zijn procedé wordt vlak na de oorlog uiteindelijk nog gebruikt voor het maken van rookkaas. 

Link naar het artikel